Kansengelijkheid

voor PO en VO | bijgewerkt op 29 maart 2021

Welke lessen kunnen we leren van de periode van onderwijs op afstand? Op deze themapagina vind je relevant onderzoek naar kansengelijkheid in periodes van afstandsonderwijs en hybride onderwijs.

Afstandsonderwijs treft vooral kansarme leerlingen

Het doel van onderzoek van de Bazalt-Groep was het verkrijgen van zicht op de kansen(on)gelijkheden van leerlingen. In de rapportage wordt vastgesteld dat de helft van alle leraren zich zorgen maakt om de kansenongelijkheid van de leerlingen. Dit gebeurt zowel in het primair als voortgezet onderwijs en bij beide signaleert een meerderheid van de leraren dat hun leerlingen niet allemaal dezelfde kansen hebben. Leraren zien ook dat het afstandsonderwijs voornamelijk kansarme leerlingen treft. Tegelijkertijd maakt de coronacrisis voor deze leraren inzichtelijker welke leerlingen opgroeien in een minder kansrijke omgeving. 

Verschil in ondersteuning door ouders

De Universiteit van Amsterdam doet onderzoek naar de effecten van onderwijs op afstand op sociale ongelijkheid en onderwijsresultaten. Uit de tussentijdse rapportage blijkt dat er grote variatie is in de mate waarin ouders zich bekwaam genoeg voelen om hun kinderen te helpen bij het schoolwerk. Ook blijkt dat leerlingen niet altijd beschikking hebben over een laptop of tablet om mee te werken. Dit onderzoek draagt de titel ‘Ongelijkheid in thuisonderwijs tijdens de coronacrisis in Nederland’ en geeft inzicht in de ervaringen en verschillen daarin van leerlingen van verschillende leeftijden en onderwijsniveaus (in po en vo) met het thuisonderwijs. Het focust op de mate van ondersteuning van ouders van verschillende opleidingsniveaus. In een later stadium kunnen deze gegevens gekoppeld kunnen worden aan data over leerwinst.

Een aantal conclusies uit het onderzoek:
– Kinderen maken zich meer zorgen door de crisis.
– Een aantal leerlingen geeft aan meer eenzaam te zijn (1 op de 5 in zowel het primair als voortgezet onderwijs).
– Scholen moeten nu goed in kaart brengen welke leerlingen het thuis moeilijk hebben gehad en ervoor zorgen dat deze kinderen extra ondersteuning krijgen op het moment dat er weer een schoolsluiting komt.
– Een meer algemene les is om kinderen actief op te zoeken. Veel scholen deden dit, maar niet allemaal. 

Achtergrond is gerelateerd aan digitale vaardigheid

Van de Werfhorst, Kessenich en Geven (Universiteit van Amsterdam), deden wereldwijd onderzoek naar ongelijkheden in de mate waarin leerlingen en scholen digitaal waren voorbereid op de gevolgen van de pandemie. Ze gebruikten daarvoor data uit meer dan 50 landen. Uit hun analyse komt naar voren dat de achtergrond van leerlingen duidelijk gerelateerd is aan hun digitale vaardigheden. Ook bestaan er in veel landen verschillen tussen scholen als het gaat om digitale infrastructuur en ict-vaardigheden van het personeel.

Impact op kinderen hangt af van gezin en omgeving

Het NJI publiceerde in een rapport relevant onderzoek naar de impact van coronamaatregelen op de ontwikkeling van basischoolkinderen. Alles wijst erop dat de uiteindelijke effecten op de ontwikkeling van kinderen grotendeels bepaald worden door de manier waarop het gezin en de omgeving ermee omgaan. Kinderen met ondersteunende leefomgevingen en stevige sociale netwerken zijn veerkrachtiger en beter bestand tegen stresserende omstandigheden en hebben meer kans op te groeien tot evenwichtige volwassenen.

Effectief verloren leertijd inhalen

De VU gaat in een blog in op de vraag: Hoe kunnen we de verloren leertijd van leerlingen inhalen? Wat weten we uit onderzoek over de effectiviteit van verschillende interventies en strategieën? De auteurs behandelen vier opties die worden genoemd in de subsidieregeling en noemen ook andere voorbeelden van internationale programma’s voor het inhalen van leerachterstanden.

De Kennisrotonde van NRO heeft een nuttig overzicht van wat we weten uit onderzoek naar het effect van zomerscholen en verlengde schooltijd op het inhalen van achterstanden.

Onderzoeksinstituut LEARN! inventariseerde in opdracht van NRO en OCW welke ondersteuning scholen inzetten en bracht de verwachte effectiviteit daarvan in kaart. Scholen kiezen vooral voor:

  1. Verlengde schooldagen
  2. Ondersteuning onder schooluren
  3. Vakantiescholen voor leerlingen met een taal- of rekenachterstand

De onderzoekers doken ook in de wetenschappelijke literatuur. Daaruit blijkt dat werkzame elementen van ondersteuningsprogramma’s grofweg dezelfde zijn:

In hun compacte verslag beschrijven de onderzoekers van LEARN! 9 categorieën interventies die op dit moment in Nederland ingezet worden: remedial teaching, aanvullende ondersteunende materialen (adaptieve online programma’s), vakantiescholen, versterken van ouderbetrokkenheid, ondersteuning onder schooltijd, leerkrachtprofessionalisering en een-op-eenbegeleiding.

Terug